Multatuli.online

Volledige Werken. Deel 18. Brieven en dokumenten uit de jaren 1875-1877

Voorwoord

Verantwoording

[1 september 1875 Advertentie in de Prov. Geld. en Nijm. Crt.]

[3 september 1875 Bericht in de Prov. Geld. en Nijm. Crt.]

[september 1875 Aanbiedingscirculaire Minnebrieven]

[september 1875 Artikel in de Tolk van den Vooruitgang]

[september 1875 Brochure van Petrus verschijnt]

[14 september 1875 Artikel in Alg. Dagbl. van Ned. Indië]

[14 september 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[15 september 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[15 september 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[18 september 1875 Bericht in De Nederlandsche Spectator]

[20 september 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[21 september 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[22 september 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[24 september 1875 Telegram van Multatuli aan S. Katz]

[24 september 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[27 september 1875 Brief van Multatuli aan J.M. Haspels]

[29 september 1875 Programma opvoering Vorstenschool Antwerpen]

[4 oktober 1875 Brief van Multatuli aan S.E.W. Roorda van Eysinga]

[6 oktober 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[8 oktober 1875 Aanbiedingscirculaire Specialiteiten]

[9 oktober 1875 Briefkaart Multatuli aan J. Waltman]

[14 oktober 1875 Briefkaart Multatuli aan J. Waltman]

[oktober 1875 Duitse vertaling Max Havelaar]

[18 oktober 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[19 oktober 1875 Vierde druk Max Havelaar]

[oktober 1875 Bezoek C. Vosmaer]

[22 oktober 1875 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[23 oktober 1875 Bericht in Sneeker Courant]

[24 oktober 1875 Advertentie vierde druk Max Havelaar]

[24 oktober 1875 Brief van Mina Kruseman aan R.]

[31 oktober 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[november 1875 Recensie Vorstenschool in Vlaamsche Kunstbode]

[1 november 1875 Brief G.L. Funke aan Multatuli]

[2 november 1875 Brief G.L. Funke aan Multatuli]

[2 november 1875 Zesde druk Minnebrieven]

[november 1875 Artikel in de Tolk van den Vooruitgang]

[november 1875 Artikel in de Tolk van den Vooruitgang]

[5 november 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[5 november 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[9 november 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[10 november 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[14 november 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[november 1875 Brief van Mimi aan C. Vosmaer]

[16 november 1875 Brief van Mina Kruseman aan haar vader]

[17 november 1875 Bespreking Onkruid o.d.t. in Sneeker Crt.]

[18 november 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[18 november 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[19 november 1875 Bericht opvoering Vorstenschool in Het Vaderland]

[20 november 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[20 november 1875 Bespreking Onkruid o.d.t. in Sneeker Crt.]

[21 november 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[22 november 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[24 november 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[24 november 1875 Advertentie Vorstenschool in Nieuwe Rott. Crt.]

[24 november 1875 Bericht in Sneeker Crt.]

[november 1875 Herinneringen van D. Haspels]

[27 november 1875 Bespreking Vorstenschool in Nieuwe Rott. Crt.]

[29 november 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[30 november 1875 Brief van Multatuli aan M. Engelman]

[30 november 1875 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[2 december 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[2 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[3 december 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[5 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[7 december 1875 Specialiteiten herdrukt, 1e afl.]

[10 december 1875 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[12 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[13 december 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[14 december 1875 Recensie Max Havelaar in Het Schoolblad]

[december 1875 Twee recensies in Het Nederlandsch Tooneel]

[21 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[21 december 1875 Literatuurgeschiedenis van J. van Vloten verschijnt]

[22 december 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[24 december 1875 Idylle van C. Vosmaer]

[24 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[25 december 1875 A.C. Loffelt in The Atheneum]

[25 december 1875 Kerstmis bij de Hindoes in De Nederlandsche Spectator]

[25 december 1875 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[december 1875 Brief van Multatuli en Mimi aan C. Vosmaer]

[27 december 1875 Brief van Multatuli aan J.N. van Hall]

[27 december 1875 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[28 december 1875 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[29 december 1875 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[december 1875 Rekening van G.L. Funke]

[1875 Aantekeningen in het Memoriaal]

[januari 1876 Rekening-courant Multatuli en G.L. Funke]

[januari 1876 Artikel in de Tolk van den Vooruitgang]

[4 januari 1876 Artikel van Roorda van Eysinga in Het Schoolblad]

[10 januari 1876 Twee bijdragen in de Nederlandsche Kunstbode]

[januari 1876 Recensie Max Havelaar in Het Familieblad]

[januari 1876 Artikel Admiraal in Nederland]

[18 januari 1876 Artikel Stellwagen in Het Schoolblad]

[18 januari 1876 Brief van Multatuli aan A.J. Servaas van Rooyen]

[18 januari 1876 Artikel Geerke in Tooneel Almanak]

[20 januari 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[22 januari 1876 Brief van A.J. Servaas van Rooyen aan Multatuli]

[23 januari 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[25 januari 1876 Eduard Bernhold geboren]

[25 januari 1876 Artikel Versluys in Het Schoolblad]

[26 januari 1876 Brief van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[26 januari 1876 Brief van Multatuli aan J.N. van Hall]

[26 januari 1876 Brief van Multatuli aan A.J. Servaas van Rooyen]

[27 januari 1876 Bericht Spaanse Max Havelaar in Nieuwe Rott. Crt.]

[28 januari 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[28 januari 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[29 januari 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[30 januari 1876 Brief van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[1 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[februari 1876 Bespreking Max Havelaar in Vad. Letteroeffeningen]

[2 februari 1876 Dagboek-aantekeningen van Mimi]

[4 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[4 februari 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[8 februari 1876 Brief van Multatuli aan J.M. Haspels]

[8 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[9 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan de Redaktie van de Amstelbode]

[10 februari 1876 Artikel in de Nederlandsche Kunstbode]

[11 februari 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[februari 1876 Artikel Admiraal in De Tijdspiegel]

[15 februari 1876 Artikel P. Westra in Het Schoolblad]

[15 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[15 februari 1876 Brief van Multatuli aan J.N. van Hall]

[februari 1876 Artikel Admiraal (II) in Nederland]

[februari 1876 Artikel Multatuli in Het Nederlandsch Tooneel]

[17 februari 1876 Brief van Multatuli aan V. Bruinsma]

[20 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[februari 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[28 februari 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[maart 1876 Correspondentie in de Tolk van den Vooruitgang]

[1 maart 1876 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[5 maart 1876 Brief van Multatuli aan S. Katz]

[9 maart 1876 Briefkaart van G.L. Funke aan Multatuli]

[10 maart 1876 Brochure Loffelt verschijnt]

[10 maart 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[11 maart 1876 Recensie Loffelts' brochure in Nieuwe Bijdragen]

[11 maart 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[12 maart 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[12 maart 1876 Artikel in de Nederlandse Kunstbode]

[13 maart 1876 Brief van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[14 maart 1876 Artikel Versluys in Het Schoolblad]

[14 maart 1876 Brief van Multatuli aan D.J.A. Haspels]

[maart 1876 Brief van A. van der Linde aan Multatuli]

[maart 1876 Artikel in Bredasche Crt.]

[maart 1876 Artikel Admiraal (III) in Nederland]

[17 maart 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[17 maart 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[18 maart 1876 Briefkaart van G.L. Funke aan Multatuli]

[18 maart 1876 Correspondentie in de Nieuwe Bijdragen]

[maart 1876 Brief van A. van der Linde aan Multatuli]

[19 maart 1876 Brief van G.L. Funke aan Mimi]

[20 maart 1876 Brief van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[21 maart 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[24 maart 1876 Brief van Multatuli aan W. Pik]

[25 maart 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[27 maart 1876 Briefkaart van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[april 1876 Artikel De Raaf in De Schoolbode]

[april 1876 Brief Cohen Stuart in de Tolk van den Vooruitgang]

[5 april 1876 Brief van Multatuli en Mimi aan G.L. Funke]

[5 april 1876 Brief van Multatuli aan G.J.A. Boulet]

[9 april 1876 Brief van Mimi en Multatuli aan G.L. Funke]

[12 april 1876 Bericht Franse Max Havelaar in de Nieuwe Rott. Crt.]

[april 1876 Brief van Multatuli aan J.M. Haspels]

[14 april 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[16 april 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[18 april 1876 Bezoek J. Versluys]

[24 april 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[24 april 1876 Brief van Multatuli aan de Redaktie van de Amstelbode]

[30 april 1876 Brief van Multatuli aan F.C. Günst]

[2 mei 1876 Brief van Multatuli aan K.Th. Wenzelburger]

[3 mei 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[6 mei 1876 Briefkaart van Multatuli aan H. de Raaf]

[6 mei 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[8 mei 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[8 mei 1876 Brief van Multatuli aan F.C. Günst]

[8 mei 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[12 mei 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[18 mei 1876 Advertentie in het Nieuws van den Dag]

[19 mei 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[26 mei 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[2 juni 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[3 juni 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[5 juni 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[6 juni 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[8 juni 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[juni 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[16 juni 1876 Brief van Multatuli aan K.Th. Wenzelburger]

[18 juni 1876 Brief van Multatuli aan A.W. Sijthoff]

[19 juni 1876 Brief van Multatuli aan F.C. Günst]

[20 juni 1876 Brief van Multatuli aan J.H. van Offel]

[juni 1876 Brief van Multatuli aan G.W. van der Voo]

[26 juni 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[27 juni 1876 Brochure Van der Voo verschijnt]

[27 juni 1876 Brochure van G.W. van der Voo]

[30 juni 1877 Artikel in Euphonia]

[2 juli 1876 Notulen van De Dageraad]

[5 juli 1876 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[7 juli 1876 Artikel (II) in Euphonia]

[juli 1876 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[11 juli 1876 Brief van Mina Kruseman aan E. Baart]

[14 juli 1876 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[15 juli 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[juli 1876 Ingezonden Brief in de Tolk van den Vooruitgang]

[juli 1876 Artikel Admiraal (IV-V) in Nederland]

[juli 1876 Artikel in de Tolk van den Vooruitgang]

[27 juli 1876 Brief van Multatuli aan K.Th. Wenzelburger]

[31 juli 1876 Briefkaart van Multatuli aan G.L. Funke]

[1 augustus 1876 Briefkaart van Multatuli aan J. Waltman]

[3 augustus 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[4 augustus 1876 Brief van Multatuli aan S.E.W. Roorda van Eysinga]

[6 augustus 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[13 augustus 1876 Bezoek J. Waltman]

[augustus 1876 Artikel Admiraal (Slot) in Nederland]

[5 september 1876 Verschijning Franse Max Havelaar, deel 1]

[7 september 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[15 september 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[september 1876 Aanbiedingscirculaire Bloemlezing Heloïze]

[september 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[20 september 1876 Brief van A. Nahuys aan G.L. Funke]

[22 september 1876 Brief van Multatuli aan A.S. Kok]

[25 september 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[26 september 1876 Kritiek van mevr. E. Garcin in Le Républicain des P.O.]

[28 september 1876 Verschijning 3e druk Multatuli, door Cd. Busken Huet]

[29 september 1876 Verschijning Bloemlezing, 1e afl.]

[1 oktober 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[4 oktober 1876 Brief van Mina Kruseman aan J.W.]

[8 oktober 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[8 oktober 1876 Brief van Mina Kruseman aan E. Baart en B.P. Korteweg]

[11 oktober 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[17 oktober 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[17 oktober 1876 Verschijning Bloemlezing, 2e afl.]

[17 oktober 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[18 oktober 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[25 oktober 1876 Brief van Mimi aan J. Waltman]

[26 oktober 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[27 oktober 1876 Verschijning Bloemlezing, 3e en 4e afl.]

[28 oktober 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[28 oktober 1876 Prent in De Nederlandsche Spectator]

[29 oktober 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[31 oktober 1876 Recensie Bloemlezing in Het Schoolblad]

[oktober 1876 Brief van Multatuli aan S.E.W. Roorda van Eysinga]

[1 november 1876 Circulaire stempelband Bloemlezing]

[4 november 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[6 november 1876 Brief van Multatuli aan A.S. Kok]

[6 november 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[6 november 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[7 november 1876 Verschijning Bloemlezing, 5e en 6e afl.]

[8 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[8 november 1876 Bijlage]

[9 november 1876 Aantekening in het Memoriaal]

[10 november 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[11 november 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[11 november 1876 Brief van Mimi aan J. Waltman]

[11 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[12 november 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[13 november 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[16 november 1876 Dagboek-aantekeningen van Mimi]

[16 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[17 november 1876 Verschijning Bloemlezing, 7e-10e afl. compl.]

[18 november 1876 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[18 november 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[18 november 1876 Bericht Spaanse Multatuli-vertalingen in De Nederlandsche Spectator]

[19 november 1876 Advertentie Vorstenschool in Nieuwe Rott. Crt.]

[21 november 1876 Aantekeningen in het Memoriaal]

[22 november 1876 Brief van Multatuli aan W.L. Penning]

[22 november 1876 Verslag Vorstenschoolopvoering in Nieuwe Rott. Crt.]

[23 november 1876 Brief van Multatuli aan J.A. Roessingh van Iterson]

[23 november 1876 Bespreking Bloemlezing in Vox studiosorum]

[23 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[24 november 1876 Verschijning van Gedachten van A. Buys]

[24 november 1876 Verschijning Ideën VII, 3e stuk]

[25 november 1876 Advertentie Bloemlezing in Nieuwe Rott. Crt.]

[25 november 1876 Bespreking Bloemlezing in Nieuwe Bijdragen]

[26 november 1876 Brief van Multatuli aan Forster]

[27 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[november 1876 Brief van W.F. Schook aan J. Schook]

[29 november 1876 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[29 november 1876 Brief van Multatuli aan H. de Raaf]

[29 november 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[30 november 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[december 1876 Bespreking Vorstenschool in Het Nederlandsch Tooneel]

[1 december 1876 Briefkaart van Multatuli aan J.N. van Hall]

[1 december 1876 Advertentie Werken Multatuli in Nieuwe Rott. Crt.]

[2 december 1876 Brief van Mina Kruseman aan H. van Offel]

[2 december 1876 Bespreking Bloemlezing in De Wekker]

[3 december 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[6 december 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[9 december 1876 Brief van Multatuli aan J.N. van Hall]

[12 december 1876 Beoordeling Ideën VII in Het Schoolblad]

[12 december 1876 Artikel Van Vloten in Het Schoolblad]

[12 december 1876 Verschijning Franse Max Havelaar, deel 2]

[12 december 1876 Brief van Mimi aan A.S. Kok]

[14 december 1876 Over Multatuli te Nieuwediep]

[14 december 1876 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[15 december 1876 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[15 december 1876 Brief van Multatuli aan S.E.W. Roorda van Eysinga]

[16 december 1876 Brief van Multatuli aan H. de Raaf]

[16 december 1876 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[19 december 1876 Artikel Mansholt in Het Schoolblad]

[25 december 1876 Brief van Mimi aan J.C. Loman]

[26 december 1876 Artikel De Raaf in Het Schoolblad]

[1876 Friese vertaling Het Gebed van de onwetende]

[30 december 1876 Overzicht in The Atheneum]

[december 1876 Bespreking Franse Max Havelaar in Nederlandsch Museum]

[december 1876 Bespreking Bloemlezing in Nederlandsch Museum]

[januari 1877 Rekening-courant Multatuli en G.L. Funke]

[januari 1877 Brief van Mimi aan C. Vosmaer]

[4 januari 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[4 januari 1877 Nota voor Multatuli van G.L. Funke]

[10 januari 1877 Bericht in de Nederlandsche Kunstbode]

[20 januari 1877 Brief van Mimi aan J. Waltman]

[20 januari 1877 Vlugmaren in De Nederlandsche Spectator]

[20 januari 1877 Briefkaart van Multatuli aan A.C. Loffelt]

[22 januari 1877 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[25 januari 1877 Brief van Mimi aan A.S. Kok]

[januari 1877 Artikel Van Vloten in De Levensbode]

[2 februari 1877 Bespreking Bloemlezing in De Locomotief]

[7 februari 1877 Brief van Edu aan Multatuli]

[8 februari 1877 Aanbiedingscirculaire 4e druk Max Havelaar]

[9 februari 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[12 februari 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[februari 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[18 februari 1877 Briefkaart van F.A.H. Pool aan Mimi]

[18 februari 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[19 februari 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[20 februari 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[27 februari 1877 Brief van Multatuli aan G.C. de Haas-Hanau]

[februari 1877 Brief van Mimi aan C. Vosmaer]

[5 maart 1877 Aantekeningen in het Memoriaal]

[5 maart 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[6 maart 1877 Brief van Multatuli aan G.C. de Haas-Hanau]

[7 maart 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[17 maart 1877 Brief van Mimi aan A.C. Loffelt]

[20 maart 1877 Brief van P. Westra aan Multatuli]

[21 maart 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[22 maart 1877 Aantekeningen Dagboek Mimi]

[22 maart 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[23 maart 1877 Aantekeningen in het Memoriaal]

[28 maart 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[maart 1877 Circulaire herdruk Ideën V]

[10 april 1877 Tekst portret Nonni]

[13 april 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[13 april 1877 Brochure Van der Voo, 2e druk]

[19 april 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[22 april 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[27 april 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[2 mei 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[4 mei 1877 Twee bijdragen in Makassaarsch Handelsblad]

[6 mei 1877 Brief van D.R. Mansholt aan H. de Raaf]

[8 mei 1877 Briefkaart van Multatuli aan P.A. Tiele]

[28 mei 1877 Briefkaart van Nips aan Mimi]

[9 juni 1877 Recensie Bloemlezing in Euphonia]

[13 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[15 juni 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[16 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[18 juni 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[20 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[22 juni 1877 Verschijning Ideën VII, 4e stuk]

[23 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[25 juni 1877 Brief van E. Moïze de Chateleux Jr. aan A.W. Sijthoff]

[26 juni 1877 Artikel De Raaf in Het Schoolblad]

[27 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[29 juni 1877 Briefkaart van Multatuli aan H. de Raaf]

[30 juni 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[11 juli 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[14 juli 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[15 juli 1877 Brief van Multatuli aan V. Bruinsma]

[juli 1877 Herinneringen bezoek Vitus en Hilda Bruinsma]

[15 juli 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[16 juli 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[21 juli 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[25 juli 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[juli 1877 Brief van Mimi aan G.L. Funke]

[augustus 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[8 augustus 1877 Brief van Multatuli aan V. en H. Bruinsma]

[18 augustus 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[20 augustus 1877 Briefkaart van Edu aan Multatuli]

[22 augustus 1877 Artikel in Ons Streven]

[22 augustus 1877 Roorda van Eysinga in de Sneeker Crt.]

[augustus 1877 Brief van Multatuli aan W. Pik]

[27 augustus 1877 Brief van Multatuli aan V. Bruinsma]

[28 augustus 1877 Telegram van Edu aan Multatuli]

[augustus 1877 Brief van Multatuli aan W. Pik]

[31 augustus 1877 Afrekening Nieuwe Rott. Schouwburg-vereeniging]

[31 augustus 1877 Edu arriveert te Wiesbaden]

[11 september 1877 Beoordeling Ideën VII in Het Schoolblad]

[12 september 1877 Herinnering van Mimi]

[12 september 1877 Ingezonden brief Bruinsma in Ons Streven]

[12 september 1877 Verslag Mimi inzake Edu en zijn vriendin]

[september 1877 Herinneringen van Marie Anderson]

[14 september 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[16 september 1877 Brief van Mimi aan J. Waltman]

[16 september 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[22 september 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[23 september 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[25 september 1877 Spreekuren van Admiraal in Het Schoolblad]

[september 1877 Brief van Multatuli aan J.M. Haspels]

[5 oktober 1877 Verschijning Ideën V, 2e herz. druk]

[5 november 1877 Brief van Multatuli aan V. en H. Bruinsma]

[8 november 1877 Brief van Multatuli aan V. en H. Bruinsma]

[november 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[19 november 1877 Brief van G.L. Funke aan Multatuli]

[23 november 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[29 november 1877 Edu verlaat Wiesbaden]

[november 1877 Artikel Westra in De Levensbode]

[9 december 1877 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[9 december 1877 Brief van Multatuli aan J. Waltman]

[12 december 1877 Brief van Multatuli aan V. en H. Bruinsma]

[15 december 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[17 december 1877 Brief van Multatuli aan V. Bruinsma]

[17 december 1877 Brief van Multatuli aan G.L. Funke]

[19 december 1877 Brief van Multatuli aan J.M. Haspels]

[22 december 1877 Bijdrage Tiele in De Nederlandsche Spectator]

[26 december 1877 Brief van Multatuli aan P.A. Tiele]

[26 december 1877 Schrijven van Multatuli aan J. Versluys]

Biografische aantekeningen


[27 juni 1876
Brochure van G.W. van der Voo]

27 juni 1876

Brochure van G.W. van der Voo, verschenen als bijlage bij De tolk van den Vooruitgang, Rotterdam 1876. (U.B. Amsterdam; fotokopie M.M.)

Antwoord op den brief van J. Esser, alias Jut, waarin zeer belangrijke aanhalingen van Multatuli over dat onderwerp.
medegedeeld door G.W. van der Voo.

Mijn boekverkooper zond mij een gedrukt stuk, waarin een godzaligen brief van Jut, eigenhandig geschreven, na zijne veroordeeling, en uitgegeven door I. Esser, te 's Hage, bij H.J. Gerretsen. De belangstellende lezer wordt verzocht zich dat meesterstuk van gelooverij aan te schaffen, om te oordeelen over onze mededeeling.

Na vooraf gegaan te zijn van een schrijven van een libre penseur aan Esser, nam ook ik de pen op en schreef eenige regels, na vlugtige lezing van 't bewuste. Mij dacht echter, dat veler meening noodzakelijk was en zond den brief van J. Esser, alias Jut met eene circulaire aan verscheidene vrienden met verzoek om te doen wat door ons reeds geschied was. Twee gewigtige resultaten waren daarvan het gevolg. Immers in de eerste plaats eene briefkaart van Esser, waarin hij mij 't volgende schrijft:

Als u er niet bepaald tegen is, zal ik, uw brieflatende drukken, ook uw naam er onder laten zetten. Ik vertrouw, dat ge den moed uwer overtuiging zult hebben. Al ware iedereen met u overtuigd, dat de brief niet is van jut, zoo blijft het toch zoo: dat jut dien heeft geschreven.

Daarentegen is het verhaal van uw vriend multatuli omtrent de straatprediking, onwaar; er wordt nimmer bij die gelegenheid gebeden. De wet laat dit alleen toe in gesloten gebouwen.

Met de beste wenschen voor u,

uw Dr., I. Esser.

Het tweede is de aankondiging van eene brochure onder den titel: ‘Vreeselijk teeken des tijds, antwoord van vrijdenkers over den brief van Jut.’

't Is maar te hopen, dat hij, indien hij mij citeert, niet vergeten zal mijn raad ‘om zich te laten ophangen tusschen Jut en zijne vrouw en hem toe te roepen: heden zult gij met mij in 't paradijs wandelen!’ En, gered was hij!’ Hij had toch raad gevraagd, en, ernstig is de zaak niet; zoo'n vrome dweeper moet een spottend antwoord hebben; antwoord den zot naar zijne dwaasheid, zeide reeds Salomo. En grooter zotten zijn er niet dan zij, die wanen dat allen zondaars zijn en gered moeten worden behalve zij, die zoo durven wawelen. Twee mededeelingen vind ik daarom gepast den lezer niet te mogen onthouden; 't zijn die van T. Mouset [1.] Pseudoniem van B.P. Korteweg. en van Multatuli:

De vraag is niet, wat Jut doen moet? Het leven van Jut is een bedorven leven, voor een klein deel door eigen schuld, door anderen 't meest. Jut moet zich van kant maken. De vraag is: ‘wat moeten de hooger ontwikkelden doen voor de beschaving der lager ontwikkelden? en: ‘wat wordt er gedaan?’ Jut is de grootste schelm niet even min als de moordenaar naast Christus aan 't kruis, (als er sprake mag zijn van schelmen). Ik veracht Jut evenmin als Esser dit doet.

T. Mouset.

Het is me moeielijk de walging te onderdrukken die de schrijverij van Jut & Co. op mij maakt, en strikt genomen zou ik me kunnen bepalen tot den niet ongebruikelijken hartevloek: 't is om te spuwen! Dat was dan ook inderdaad m'n uitroep, toen ik Esser's reclame - want 'n reklame is het! - gelezen had. 't Is 'n reklame voor hèm, voor Mevr. A.O., voor z'n standje van commis-voyageur [2.] commis-voyageur: handelsreiziger (fr.) in gelooverij, en voor z'n vriend en medeverdoemeling Jut.

Ik versta de kunst van lezen te goed, en ben niet idioot genoeg om de redeneeringen van Esser - of hoe men dan z'n elukubratien [3.] élucubration: wat met veel moeite tot stand is gebracht (fr.) verkiest te noemen - op-zichzelf beschouwd, te begrijpen. Immers, om zich te verbeelden dat men ze wèl begrijpt, moet men òf niet lezen kunnen, òf verchristend, godsdol of beschonken wezen.


(Wat, bijv. is de grammatikaal-logische-rhetorische beteekenis van zinsneden als deze, op blz. 8:
‘De gansche wereld, als Jut, verdoemelijk voor God en redding, geregtigheid, alléén in den Messias, den Verlosser, voorwerpelijk in Christus volbragt, onderwerpelijk door het geloof toegeeigend’?
Van dien aard zijn er meer. Ik ben benieuwd wat 'n examinandus bij H. of M. Onderwijs van dezen gallimatthias [4.] galimatias: wartaal (fr.) maken zou, als men hem die woorden ter ontleding gaf, maar ik betwijfel of ooit 'n examinator 't in z'n hoofd krijgen zou, 't vernuft van den jongeluî op zóó'n proef te stellen. Wie er niets van begrijpt, behoorde voor den knapste gehouden te worden.)

Maar ik zei: onbegrijpelijk op-zichzelf beschouwd. Want, bij analogie met andere dronkenmanspraat, weten wij nagenoeg wat Esser zich verbeeldt zoo ongeveer te bedoelen, en zelfs zien we kans z'n walgelijken zotteklap te vertalen in iets dat wel altijd even onbegrijpelijk blijft, maar dan toch dat onbegrijpelijke voorstelt op 'n wijs die 't redeneeren niet zóó volstrekt uitsluit, als 't geval wezen zou bij 't onzamenhangend gewawel van 'n erkend-krankzinnige. Waar Esser zegt: ‘X = habberdebab,’ willen wij goedig zijn, en aannemen dat-i beweerd heeft: dat X = 10000000000 X wezen zou. Dan is 't ook wel niet waar, maar de stelling heeft beter oog, en kan nagezegd worden zonder dat men kramp in de kaken krijgt.

Komaan, X zij hier de toestand van den beminnelijken Jut. Die X zal allerprettigst worden als de man maar behoorlijk ‘in’ Jezus gelooft. Goedkooper kan 't niet. 't Is te-geef!

Maar, eilieve, blijkens Jut's ‘eigenhandig’ schrijven is de man al druk bezig met z'n ‘gelooven in Jezus’ en men is dus gerechtigd tot volslagen niet-begrijpen van wat kollega Esser nog méér voor z'n geestverwant verlangen kan? Zoodra Jezus zich met de restauratie van 't Jutsche zielegebouw bemoeit, komt me alle inmenging van derden ongepast, schadelijk en verwaand voor. Me dunkt, we kunnen 't feestelijk beloonen van Jut en z'n ‘geliefde vrouw’ gerust overlaten aan den Heer die altijd zoo'n bijzondere voorliefde voor galgebrokken heeft ten-toon gespreid, 'n soort van menschen waaronder hij dan ook - dìt moet men vol verwondering, al zij 't dan met heel weinig eerbied, erkennen - altijd z'n hartelijkste vereerders vond.

Zonder nu te beweren dat Jut, om de van hem bekende misdaden alleen, van zooveel erger allooi wezen zou dan menigeen die niet in 't tuchthuis zit, mag men toch dankbaar gebruik maken van Esser's vergunning om den kerel te verfoeien, vooral na 't lezen van z'n smeerigen brief aan juffrouw Laps. Dit dokument kan best doorgaan voor 'n vervolg en slot op zekeren roman dien de vruchtbare verbeelding van den auteur spelen liet in 't Scheveningsche Badhuis. Men ziet, Jut is dichter, en, in z'n dichtwerk, konsekwent! Eerst laat-i 'n Russischen graaf ingaan tot hèm, en nu gaat hij op zijn beurt in tot den lieven heer Jezus. 't Is 'n innige historie. De kunstbeschouwer staat in twijfel, aan welk deel van den onwelriekenden roman hij de voorkeur geeft.

Maar ik had onrecht, dat 2e deel 't slot te noemen. Er blijft nog altijd plaats voor 'n apothéoze. De niet al te bijziende vèrkijker aanschouwt met z'n christelijk zielsoog hoe eenmaal - Heer, dat het haestelick zij! - Jut en z'n geliefde vrouw beburgerkroond terugkeeren in de Maatschappij, om aan 't hoofd te worden gezet, zij van 'n Christelijke jonchelinchsvereeniging, hij van 'n instituut ter opleiding van recht- (of des-noods verkeerd-) geloovige Russische graven. Alles natuurlijk onder opzien tot God, en in gemeenschap met den lieven heere Jezus Christus, die tegen dien tijd zal moeten trachten zich te ontdoen van alle jalouzie. Niets billijker dan dat ze vervolgens - en dit is 't ware slot van de historie - juichend aanlanden in 't Paradijs, waar 't aan passend gezel-schap niet ontbreken zal. We willen hopen dat de goeie Mevr. v.d. Kouwen en de arme Leentje Beeloo tegen dien tijd zich met groot verlof mogen verwijderen naar de Hel, om de ergernis te ontgaan van 't getuige-zijn der zonderlinge belooning door 't christendom toegezegd en uitgereikt aan galgebrokken die de voor- of nazorg gebruikten, zich bij-tijds te oefenen in de dieventaele Kanaäns.

Wat Jut nu doen moet, vraagt z'n kornak? Wel, 't antwoord is doodeenvoudig, hij moet psalmzingend, Christuslovend, vrome brieven schrijvend, huichelend en z'n slachtoffers uitlachend, die pleizierige toekomst afwachten! Dit is duidelijk. Eerst het tuchthuis uit, dan den hemel in! Vriend Esser en Juffr. Laps zullen hem volgaarne 'n handje helpen, en de zaak marcheert zoowel hier als hier namaals op rolletjes. De vraag van den heer Esser had best achterwege kunnen blijven, daar hijzelf het bewijs publiceert dat z'n achtenswaardige geestverwant volkomen bekend is met de loopjes die van oudsher probaat waren om de menschen te bedriegen, en hun eigengemaakten God er bij. Nu, dat is één.

Van dringender belang is de vraag wat er bij 't heerschen der Essersche moraliteitsbegrippen moet gedaan worden door ouwe dames die effekten hebben, maar geen man in huis? Ik van mijn kant zou deze vraag ter beantwoording opgeven aan den heer Esser, wanneer ik niet bevreesd was dat hij, die zoo beminnelijk openhartig erkent: ‘van nature met Jut gelijk te staan’ in deze materie eenigszins partijdig wezen, en meer acht slaan zou op 't belang van in Christus geloovende inbrekers, moordenaars en gauwdieven, dan op dat van de eventueele slachtoffers dezer godzalige heeren, en op de veiligheid van de geheele Maatschappij. Zou er geen middel zijn om alle partijen tevreden te stellen, door geloovige schelmen te bewegen hun liefhebberijen eerst nà berouw en hemelvaart in praktijk te brengen? Ik geef deze ampliatie en alteratie op 't stuk der christelijke dogmatiek aan alle geloovers in ernstige overweging, en ten-slotte aan den heer Esser de verzekering dat z'n Jutten-paradijs geen gewenscht verblijf oplevert voor ieder die niet verbijsterd van hoofd, niet bedorven van hart, en niet verdraaid van smaak is. Toch steekt er nut in zulk geschrijf. 't Is 'n gepaste opwekking om grendels en sloten natezien, en zich 'n flinken revolver aanteschaffen.

Een woord van hulde aan Mietje Slap! Háár vonnis: ‘de moordenaars aan den galg!’ is bondig en korrekt. Daar ik vroeger van HED. als wijsgeerige beoefenaarster van 't Recht nooit iets vernomen had, gis ik dat ze die welsprekende redevoering te danken had aan 'n opwelling van onbewaakt gezond verstand, waaraan de Essers 'n voorbeeld mogen nemen. Misschien ook had het mensch 'n spaarduitje en geen revolver. ‘Korrekt’ noem ik haar vonnis, niet omdat ik Jut en z'n geliefde vrouw zwaarder of anders wou gestraft zien, maar omdat ik 't bij de duurte der levensmiddelen en de hoogte van woninghuur, ongepast vind, vrij logies en onderhoud te geven aan wezens die zoo gemakkelijk door 't geloof in Christus, gratis en zonder bezwaar voor de burgerij, vrije woning weten te bekomen in 't hemelsch Jeruzalem. Dit zal dan ook wel de menschlievende bedoeling van Mietje Slap geweest zijn.

Wb. 13 Juni 1876.

Multatuli.

In een nader schrijven zegt M.: ‘misschien zult ge lust hebben na 't lezen van m'n stukjen er bij te zetten, dat de toon van mijn schrijven gerechtvaardigd is door de noodzakelijkheid om eens eindelijk heeren geloovers te doen inzien, dat we niet verkiezen bij voortduring de dupe te zijn van hun godzalige wartaal. Op hard ijzer 'n scherpe bijl met zware slagen! De heele zaak behoort S.V. [5.] S.V.: salva venia, met verlof. (lat.) tot de bemoeienis van den heer Liernur [6.] Liernur: metaforisch: in het riool..’

Multatuli schrijft ons nader: Wiesbaden, 17 Juni 76, ‘ik begrijp niet waarom men de echtheid van Jut's brief betwijfelt. Dat dokument draagt wel degelijk de onmiskenbaarste blijken dat het afkomstig is van een met god- en christus-geloof beduimelden galgebrok. Het is volkomen en règle, en ik verwachtte niet anders. De nog onbekeerde zondaar schept russische graven die tot hem ingaan. Zoodra dat hulpmiddeltje onbruikbaar blijkt, maakt men 'n lieven heere Jezus tot wien men ingaat. Men ziet het: blanc bonnet, bonnet blanc! Voor en na de ‘bekeering’ dezelfde smeerigheid! 't Is om te spuwen!’

Wat overigens de aanmerking op m'n schetsjen aangaat, de heer Esser heeft volkomen 't recht 'n zonderling begrip aantekleven, over de beteekenis van 't woord ‘waarheid.’ Dit brengt z'n hoedanigheid van geloover mee. Dat Elias in 'n vurigen wagen tenhemel voer, is de zuivere waarheid, maar Multatuli's schets van de straatpreek is ònwaar, omdat er bij zulke gelegenheden niet gebeden wordt. Dit namelijk is verboden door de wereldsche wet* die in dit geval eenigszins in overeenstemming schijnt te zijn met den bekenden tekst over ‘binnenkamers en straathoeken.’ Van preeken zegt de Heere Jezus bij die gelegenheid niets. Integendeel, dat deed hijzelf op straat.

Ik moet evenwel erkennen dat de opmerking van den heer Esser omtrent de ‘onwaarheid’ van Multatuli's voorstelling, krachtig gesteund wordt door 'n gelijksoortige klacht van de notenverkoopsters. Deze belangwekkende industrieelen hebben den onbekwamen schrijver aangevallen over vervalsching van handelsberichten. Er is gekonstateerd dat de prijs van de noten op den bewusten dag niet vijf, maar drie centen geweest is. Multatuli's voorstelling van de zaak is dus verfoeielijk-valsch. En, of dit niet genoeg ware, een der lotelingen, die bij de bedoelde gelegenheid zou meegeholpen hebben aan 't leveren van de psalmen, is van plan den ontrouwen referent voor 't gerecht te dagen. Die jongeling namelijk beweert dat-i te beschonken was om geluid te geven, en dus niet van Zeist gehosanneerd heeft.

We vernemen dat de berouwvolle schrijver hem en de notenmeisjes 'n Exemplaar heeft aangeboden van z'n IIIn bundel Ideen, waarin een en ander voorkomt over ‘Waarheid in Kunst.’ Ook den heer Esser is 't niet verboden daaraan kennis te nemen, vooral daar hij zoo gulweg aanbiedt zich in de plaats te stellen van den waarheidlievenden Richard III, dien de schrijver op blz. 54 (uitg. 1874) sprekende invoert om de bijzondere bevoegdheid van zekere beoordeelaars in 't licht te stellen. Het is zeer edelmoedig van den heer E. dat hij - ongevraagd, onverplicht, en misschien onbedankt, helaas! - zoo'n kostbare bijdrage leverde tot de blijken van gegrondheid der opmerking die de auteur op genoemde

* Dus iets als: ‘de par le roi, défense à Dieu

De se faire prier en ce lieu.’ [7.] de par le roi (enz.): op bevel van de koning is het God verboden op deze plaats tot zich te laten bidden.

Als ik 'n God had, liet ik me door geen wet ter-wereld beletten, hem te bidden waar ik verkoos, maar de vromen hebben ‘accommodements avec le ciel. [8.] accommodements (enz.): het op een akkoordje gooien met de hemel (fr.)

bladzij ten beste gaf. We koesteren gegronde hoop, in volgende drukken zijn naam te zien prijken naast dien van den onnoozelen Koning die - even als hij, maar zonder de verlichtende omstandigheid van hersenkrenkende gelooverij - zich 't air geven wou verstand van waarheid te hebben. Ook voor de reklameerende notendames en den niet-halfbeschonken loteling vragen wij 'n plaatsje. Allemaal lui van waarheid!

De lezer vergete niet, zooals wij in den aanvang zeiden, dat wij den brief van Esser-Jut met begeleidend schrijven hadden rondgezonden met het doel om veler meening op te nemen in de Tolk van den Vooruitgang. Hieromtrent heb ik het gevoelen van M. gevraagd, die mij hier over het volgende schreef: ‘Toen ge uw brief schreeft, hadt ge mijn stukje niet gelezen. Noch gij, noch uw voorganger kondet weten, dat dit zou geschreven zijn in denzelfden toon als uw beider stukken. En ook ik was op die eentonigheid niet verdacht. Ik gebruik hier dit woord in letterlijken zin, maar door 't plaatsen van al onze schrijverij zou 't van toepassing worden in gewone beteekenis ook! Het komt me voor, dat dit behoort vermeden te worden, en daarom verzoek ik u, mijn stukje maar te supprimeren.’ De lezer begrijpt, dat ik het onze supprimeer, en aan dat van M. de voorkeur geef. Hij duide mij dit niet ten kwade. En hiermede, dunkt mij, is de briefkaart van Esser, die toch in 't bezit van onze brieven is, ten volle beantwoord. Het vreeselijk teeken des tijds, waartoe nu ook Multatuli's schrijven behoort, kan vele dwepende geloovers de oogen openen. Ik schrijf hem natuurlijk nader.

Rotterdam,

24 Juni 1876.

G.W. Van Der Voo,

Hugo de Grootstraat, no. 1.