Multatuli.online

17 februari 1878

Brief van Multatuli aan Mimi. Dubbel velletje postpapier, waarvan blz. 1-3 en 4 (⅓ onderaan) beschreven. (M.M.)

Het begin van deze brief is niet teruggevonden.

(....) ik morgen weer wel. Ik heb m'n kamer 10 gl in de maand opgeslagen. -

Och, over Nonni later. Ik heb haar 100 gl laten zenden. -

Denk daarom niet dat ik schraal zend. Als ik je pleizier kan doen met 'n paar honderd gulden hoef je 't maar te zeggen. -

Donderdag spreek ik te Leiden. Vier [1.] vier: oorspr. stond er drie. dagen rust. Tout ce qu'il me faut [2.] tout ce qu'il me faut: net wat ik nodig heb (fr.)! Waar ik verder spreek zal ik je wel later zeggen. Anders agiteer je je. En te Rottm & te Amsterdam moet ik nog eens. -

M'n tweede lezing te Amsterdam zal heel in 't byzondere voor jou wezen. (dáár verwacht ik t meeste menschen. Als 't tegen valt, heb jy er de schade van.) -

Beschryf aan Annet [5.] Annet: een van Mimi's zusters. m'n drukte lezingen, bezoeken, brieven - 12 daags! - hotels, koffertjesleven, altyd point de mire [3.] point de mire: bezienswaardigheid (fr.), t is niet uittehouden. Ik was dan ook gister kompleet half gek. Hier bekom ik! -

Zeg aan Kätchen dat ik haar 'n mooi geschenk zal meêbrengen. Ik weet al wat! Ik heb daar schik in.

Het geld dat ik van m'n lezingen ontvang, zal 't geringste zyn dat ik uit Holland meeneem. Je zult geen armoe meer lyden! Ik heb de domheid gehad het aan Non te schryven, in 'n mal élan. Ik gaf 500 gl als ik 't niet gedaan had.

Maar - nog eens - over háár later. -

Tweemaal al bericht van Jeanne [4.] Jeanne Clant van der Myll-Piepers, de vriendin van Vosmaer.. Haar jongetje is ziek. -

Kreeg je de 225 gl van Funke? Gut, hoe prettig dat je alles kunt afdoen. Betaal nu die broek by Butsbach ook maar dunkt me. Maar dat 's jou zaak. -

Dag lieve Mies, ik wouje 'n hartelyken zoen geven. O, ik heb niet gesproken van Mathilde. Die kwam tusschen haar lessen in 't Rondeel om (zoo mogelyk) my te helpen, maar ze verstaat het niet. Ik heb bitter medelyden met haar. Zy is goed en nobel, maar ik kan niets voor haar wezen. -

Tot m'n verwondering hoor ik niets over die brusselsche zaken. Bos en Haspels staan op de wacht dat niemand iets doet buiten my, en weten dat jy alleen Willème kunt afdoen. Zy beiden zyn stevig. Dus wees daarop gerust. Ook weten zy dat ik 't geld van de lezingen voor andere dingen noodig heb.

De afdoening van Zuur, byv bevalt me niet. In godsnaam! -

Wees over geldzaken gerust! Ik wou zoo graag dat 't zoontje van Haspels (8 jaar) 'n allerliefst gezichtje van 'n jongen, wat by je kon zyn. Ik heb nooit zoo'n komiek kinnetje gezien als van dien jongen, en 'n beeldig gezichtje. Maar om dat te doen, zou jy hem moeten halen van Keulen, en dat kan niet om je keel. Daarom sprak ik er niet eer over. Dag mies. Ik ga me kleeden en eens wat in de lucht. Ook eten. Dag kind.

je laatste brief eindigt Vrydag morgen. Zeker is er nu al een te Amsterdam. Die kryg ik morgen.