Multatuli.online

19 december 1877

Brief van Multatuli aan J.M. Haspels. Dubbel velletje postpapier, waarvan blz. 1-2 en 3 (¼) beschreven. (M.M.)

Wbaden 19 Decr 1877

beste Haspels, ik heb uw beide brieven ontvangen, en kreeg tranen in de oogen over uw hartelykheid. Tranen niet, want sedert lang kan ik niet schreien, maar 't steekt even! Breng myn dank over aan wie 't aangaat, en vergeef dat ik weinig woorden gebruik. Dat ik nog geld zou te goed gehad hebben als auteur van V.S. kan ik niet gelooven, beste kerel! Ik weet zeker dat ik schuld had aan de firma. Dat ge my in je tweeden brief f115, - zendt, is 'n edelmoedige knoeiery. [1.] knoeiery: dit woord is doorgestreept. Vgl. voor de f115, - de afrekening bij 31 augustus 1877. neen, dat woord is te leelyk. Nu dan, uwe opgave dienaangaande kan niet waar zyn.

Uw vraag om ronduit te zeggen wat ik noodig heb, doet me in zoover pynlyk aan, dat ik hoe dankbaar ook voor 't ontvangene, me nog niet redden kan tegen Ulto van 't jaar. Ik heb allerlei beslommering die ik niet dan met smart beschryf. Juist die ver-drietelykheden zyn het die me zoo onvruchtbaar maken. Sedert jaren ga ik gebukt onder leed dat me telkens of in woede doet opspringen, of dat me verdooft. En om veel redenen wil ik 't niet noemen, 'tgeen me zeker wel eens 't aanzien geeft van iemand die met verdriet pronkt. In godsnaam! Ik weet dat ik de waarheid zeg, en ook dat ik niets liever wilde dan prettig en vrolyk zyn, zooals primitief m'n aard is.

Maar nu je vraag. Ik durf er niet op antwoorden. Gaan de krachten der vrienden die je byeenriep, zoo ver dat ze my nog 500 gl [2.] 500 gl: oorspr. stond er 700 of 400 gl, beide zeer krachtig doorgestreept. kunnen bezorgen?

Ik sluit nu terstond. Anders verscheur ik m'n brief weer, zooals ik reeds drie keer gedaan heb.

Hartelyk gegroet.

Dek

Laat niemand boos wezen dat ik hem niet afzonderlyk noem. - Ja, ik wil wel in Holland komen, ofschoon - nu dan, ik wil wel. Maar ik moet vóór dien tyd andere dingen hier regelen. Er is 'n huiselyke of liever familiezaak die me (zooals men in 't maleisch zegt) den lever opvreet.