Multatuli.online

Lijst van brieven op datum

2 februari 1875

van

Multatuli

aan

Mina Kruseman (bio)

 

Volledige Werken. Deel 17. Brieven en dokumenten uit de jaren 1874-1875 (1986)

terug naar lijst

*2 februari 1875

Brief van Multatuli aan Mina Krüseman. (Leven III, blz. 23-24.)

Bij deze brief maakt Mina Krüseman de aantekening: In het origineel waren de woorden ‘Uw meester’ en ‘Uw hooggeachte Heer’ door M. doorgestreept.

griffemeerd: de gedrukte tekst heeft guffemeerd.

Wiesbaden, 2 Febr. 75.

Lieve Mina! Al sedert drie dagen loop ik van 's morgens tot 's avonds te tobben over de décisie van gaan of niet gaan! Toen je hartelyke brief kwam (meester, hm! dat wil zeggen: pedant! En je ‘hooggeachte Heer’ in 'n vorigen was 'n fatsoenlyke manier om me uit te schelden. Als ik ooit ‘Mejuffrouw!’ tegen je zeg, wil ik griffemeerd worden!)

Nu, toen je brief kwam, begreep ik terstond hoe moeielyk my de beslissing wezen zou. En den volgenden dag kwam er een boven op, nam. van de heeren Le Gras, v. Z. & H. Die brief is allerliefst, en even beleefd als verstandig. Kortom, behalve m'n eigen verdriet omdat ik niet gaan kan, heb ik nu ook de smart u en hen teleur te stellen. Maar meid, 't is waarachtig onmogelyk.

Gister avond begon ik aan Le G., v. Z. & H. te schryven (ik zend je 't fragment van dien niet verzonden brief, want zooals uit het slot blykt, ik brak hem af.)

Niet verzonden. Ziehier de reden. Ik kan niet komen omdát het me te veel geld kost. Dit aan de heeren Le Gr. v. Z. & H. zeggende, schynt het 'n hengelparty om honorarium. Daar ik nu al bezet zit met die f25 begon ik dáárover en dit mag niet omdat ik je contract (voor zooveel my betreft) niet mag désavoueeren. Daarom bleven die blaadjes liggen.

Dewyl nu toch die heeren recht hebben op antwoord, zend ik heden 'n brief (natuurlyk beleefd) waarin ik zeg dat ik om de uitgaven niet komen kan. ‘Maar, volgt er op, denk niet dat dit 'n wenk is. Ik mag uw budjet niet bezwaren.’ Geen woord alzoo over de f25. Vraag den brief te lezen.

Ei, wil ik je 'reis wat zeggen? Jy hebt f200 per voorstelling bedongen, en je staat daarvan f50 aan Juff. B. en f25 aan mij af. Zóó is de zaak! Noch aan Juff. B. noch aan my hebben die heeren de minste verplichting. Aan my niet omdat Vorstenschool publiek eigen-dom is (ieder kan 't spelen) aan Juff. B. niet wyl die jonge dame nog geen renommée heeft. Mina Kr. is die heeren f200 per voorstelling waard, en 't kan hun niet schelen hoe je daarover ten behoeve van je vrienden beschikt.

't Is nu avend, en aanteekenen onmogelyk. Als je dus 'n postbestelling later 'n gerekommandeerden brief ziet aankomen, denk dan in Gods naam niet aan kleingeestige bouderie. Ajakkes! De zaak is dat ik niet komen kán! 't Zal erg de vraag wezen of ik de voorstelling zal kunnen bywonen? 't Is wel hard voor me. Maar 't was ook al hard dat we niet by je voordrachten konden wezen! De Heeren Le Gr. v. Z. & Haspels schryven zeer terecht dat één gesproken woord van den auteur meer helpt dan veel geschryf. Zeker! Maar daar ik nu niet komen kán, wou ik toch graag schriftelyk doen wat mogelyk is. Zyn er punten die ik pr brief kan ophelderen? Gaarne! Gebrekkig blyft het!

Dag beste Mina, wees hartelyk van ons gegroet.

Uw meester. Uw hooggeachte Heer

Uw vriend D.D.

Jy moogt m'n niet verzonden brief wel aan Le Gr. v. Z. & H. laten lezen, maar ik liet hem liggen omdat ik niet over die f25 spreken mocht. Dan is 't of ik achter je om, je tegenwerk.