Multatuli.online

Lijst van brieven op datum

25 juli 1870

van

Tine Douwes Dekker-van Wijnbergen (bio)

aan

E.J. Potgieter (bio)

 

Volledige Werken. Deel 14. Brieven en dokumenten uit de jaren 1870-1871 (1982)

terug naar lijst

25 juli 1870

Brief van Tine aan E.J. Potgieter. Dubbel velletje postpapier, geheel beschreven. (U.B. Amsterdam; fotokopie M.M.)

Padua 25 Julij 1870.

Waarde Heer Potgieter!

Weder wend ik mij tot U, ik heb hulp noodig, tot wien kan ik beter gaan, dan tot iemand die getoond heeft een waar vriend te zijn geweest, ik had gehoopt de omstandigheden gunstig waren dit is t'geval niet geweest, nu ben ik vast besloten om mijn eigen weg te gaan. Dekker zijn wil is goed, maar hij heeft dikwijls met zware moeijelijkheden te kampen, ik wil hem verligten door zelve werkzaam te zijn, slaagt hij, zoo veel te beter, slaagt hij niet, zoo heb ik ten minste t'noodige om te leven. Mijne gezondheid laat niets te wenschen over, ik ben bezield met moed en ik heb de overtuiging dat ik slagen zal maar daar hoort tijd toe en om dien tijd af te wachten, roep ik uwe hulp in.

Sedert twee maanden ben ik bij mijne vrienden de heer en Mevrouw Omboni (de heer Omboni is professer aan de Universiteit te Padua geworden) die mij drie kamers in hun huis hebben aangeboden en ons vriendschappelijk aan hun middagmaal noodigen, voor al t'andere moet ik zelve zorgen en de opvoeding van Nonni, die zich zeer gunstig ontwikkelt. Er wordt werk gemaakt om Eduard te plaatsen in den handel om zoo veel te spoediger te kunnen verdienen, hoe wel zijn lust studeren zou zijn, maar daar hij ruim 16 jaar is, moet hij beginnen met de praktijk te leeren dus voor zijn onderhoud zou ik in t'begin nog moeten zorgen hij behoeft ook een klein uitzet want hij heeft niets. Eduard is een jongen, die zeker makkelijk door t'leven zal gaan hij weet zich bij ieder bemind te maken en voor zijne jaren heeft hij een dosis gezond verstand dat onbegrijpelijk is een gelukkig temperament en groote intelligentie. Zijne illusie is om naderhand mij en zijne zuster tot steun te zijn.

Mijn streven is mijzelve onafhankelijk te maken, om daartoe te geraken heb ik hulp noodig want t'begin is in alles moeijelijk, en voor al als men niets heeft, ik zoude U zoo innig dankbaar zijn als U mij in de gelegenheid kondet stellen mijn doel te bereiken. ik moet kennissen maken, daartoe behoort een weinig toilet, enfin met een weinig geduld zal ik wel t'een of ander vinden. Als U mij voor t'begin ter hulp wildet komen zou ik U innig dankbaar zijn. Verblijd mij Waarde Heer Potgieter met een gunstig antwoord en gelooft mij met de meeste achting en vriendschap

Uwe Dienst. Dienaresse

E.H. Douwes Dekker

van Wijnbergen

mijn adres

chez Monsieur le professeur G. Omboni

rue Torresin 2334. A

Padoue