Multatuli.online

Lijst van brieven op datum

22 april 1868

van

Multatuli

aan

Tine Douwes Dekker-van Wijnbergen (bio)

 

deze brief in handschrift

download handschrift

Volledige Werken. Deel 12. Brieven en dokumenten uit de jaren 1867-1868 (1979)

terug naar lijst

22 april 1868

Brief van Multatuli aan Tine. Dubbel velletje postpapier, geheel beschreven. (M.M.)

friesche courantjes: waarschijnlijk heeft Multatuli aan Tine exemplaren van de Sneeker Courant gestuurd. Zie 11, 13 en 18 april.

Chresos: zie V.W. II, blz. 104.

helden: zie V.W. I, blz. 470.

Keulen 22 April 1868

lieve beste tine, eergister avend ontving ik je brief van 16., die me wat de hoofdzaak aangaat uit grooten angst verloste, want ik vreesde zoo dat je ziek was. Je brief van 10 april, waar je over schryft heb ik niet gekregen. Het aantal verloren brieven wordt hoe langer hoe grooter. Ik doe met angst een brief op de post.

Overigens is er veel in je brief dat me natuurlyk verdriet doet, omdat ik nu alweer niet kan helpen, wat je hoog noodig hebben zou. Ik merk het zoo op, dat je geen woord over Stefanie schryft, zelfs niet eens of ze van haar reis terug is, en daar Edu nog altyd by je is, weet ik niet wat ik daarvan denken moet. Vroeger schreef je my dat hy weer by Omboni komen zou, als zy terug gekeerd waren. Is dat veranderd?

Wat my betreft, ik weet niets! Ik wacht. R. was tot het laatste toe zeer lief. (Hy bedankt je voor je lieven brief) Ik ben zeker dat hy 't goed meent, maar Hasselman is zoo bang. R is nu naar Parys (naar zyn schoonzoon den ambassadeur) en daarom zeker hoor ik niets van hem. Ik had hem al geschreven, maar heb nog geen antwoord. Heb je ontv: 2 friesche courantjes

en 5 afdrukken van Engelsche opinions of the press over M. Havelaar? - Dat stuk uit den Westminster review is zeer mooi, niet waar? Maar ook in de andere stukken komen zeer goede passages voor, die de Uitgevers niet op dat kleine blaadje hebben overgenomen, om 't niet te groot te maken, denk ik. Ik hoor van Nahuijs (den vertaler) dat er in drie Engelsche tydschriften die in Mei zullen uitkomen beoordeelingen over M.H. geannonceerd zyn. Ik ben daar nieuwsgierig naar, schoon ik telkens by 't lezen van zulke dingen, als 't heel mooi is, vraag: wat geeft het? Ook in Holland werd ik geprezen en toen ik hulp vraagde, was 't uit. Ook maakt het my verdrietig dat er overal zoo op schryven wordt gedoeld. precies de parabel van Chresos, en die over de doode helden die niet gekocht werden voor zy een deuntje zongen. Ik ben geen schryver. Dat willen ze maar niet begrypen. Ze denken maar altyd dat ik iets kan voortbrengen op commando. Als ik 't deed, zou't zoo ellendig zyn, dat niemand my meer lezen wou. En nu weer andere bezwaren. Als ik nu zooals in myn drama, myn gemoed tendeele lucht geef, is dat weer een pretext om my tegen te werken. Dan zeggen ze: ‘wy wilden dat en dat doen, maar omdat je nu dàt gezegd hebt, doen we 't niet.’ Daarom zwyg ik zoo dikwyls. Die tot nog toe mislukte poging in den Haag, heeft me den winter doen voorbygaan zonder voordragten.

Dat ik den Haag verliet, was om niet vast te vriezen. Hier woon ik goedkoop en daar weet ik niet waar ik heen moet. Mimi kan voor weinig geld wat eten maken, en ik moet in den Haag meer verteren dan een heel huishouden kosten zou.

Was je niet zoo ver weg, ja dan zou ik met jou en de kinderen dáár kamers hebben gehuurd, en dat was voor alles beter geweest, Maar die vervloekte reis naar Italie!

Mimi vertaalt den Havelaar, en leert met behulp van een klein boekje, de photografie. Allebei gaat waarlyk boven verwachting. Maar ze moet zich om de onvoldoende middelen erg inspannen. Het Duitsch is moeielyk. Nu heeft ze geen andere hulp dan dat meisje dat ternauwernood lezen en schryven kan, en niets heeft dan haar gehoor. Toch gaat ze met grooten yver voort en ik denk dat ze 't klaar krygt, schoon het later nog eens schoolmeesterig moet nagezien worden. Ze heeft al ⅛ af.

En de photografie. Haar plan is als ze zich kan uitgeven het te kennen, geld van haar grootouders of vader te vragen, om te proberen daarvan een bestaan te maken. Ze heeft een zeer klein gebrekkig instrumentje weten te bekomen en probeert daarmeê. Het is een zaak die veel attentie vereischt en beter ingredienten dan zy heeft. Om één ding te noemen, ze heeft op deze kamer geen goed licht. De hoofdzaak ontbreekt dus. Toch heeft ze al een paar beeldjes weten te maken. Nog slecht en flaauw, maar 't lykt er toch naar, en als men dan nagaat dat ze niemand had om haar iets te wyzen, dat ze alles moet halen uit een kleine handleiding, dan is 't indedaad heel aardig. Ik zend je een proefje. Het is flauw, dat weet ik wel maar het licht was slecht, en ook mankeerde er een en ander dat zy later verbeteren kan. Ik had niet gedacht dat ze 't zoover brengen zou en ben nu niet bang, dat ze 't niet verder zal brengen. Later zal ik je eens een beter proef zenden. Er is by die zaak veel opteletten, en eigenlyk hoort er wat scheikundige kennis toe. Zoodra Edu en Non by my zyn, wil ik dat ze 't ook leeren. Non vooral zal 't goed doen omdat ze zoo netjes is, want dat is een hoofdzaak. Ook hoort er zekere localiteit by die M. hier niet heeft. 't is komiek zoo als ze alles moet knoeien, en ik bewonder haar geduld. Om zoo'n vodje voorttebrengen moeten er byna 20 bewerkingen gedaan worden, allen op zichzelf eenvoudig, maar by elke bewerking kan een fout de boel doen mislukken of althans slecht doen uitvallen. Dat flauwe van bygaand plaatje schryven wy nu toe aan slecht licht maar 't kan ook liggen aan iets anders, en dat moet door herhaalde proeven opgespoord worden. Ik vind het al heel wel dat ze iets heeft klaargekregen, zoodatje nu tenminste 't kerktorentje kan zien, waarop wy 't gezigt hebben. Zoodra het licht het toelaat, wil zy een uitzigt uit ons achtervenster proberen. Huet gaat eerstdaags naar Indie. Dat is my een groot verlies. Hy was een soliede steun, al kon hy dan ook niet regtstreeks helpen met geld.-

Myn hart bonst me als ik aan 't groot worden der kinderen denk. Hoe je 't klaar speelt, dat ze tot nog toe leeren en hebben wat ze hebben, weet ik niet. Maar ook van myzelf is 't een raadsel dat ik er nog ben.

Je begrypt hoe ik peins over wat me te doen staat. Ik moet nu nog eenige dagen wachten op antw. van Rochussen.

Wil je my die Engelsche couranten terugzenden? Ik heb ze noodig, en ben er al dikwyls om verlegen geweest. Daar er nu een brief van je verloren is, staat daarin misschien iets dat ik niet weet, maar anders frappeert het me dat je zoo weinig schryft over die Engelsche vertaling en de recensies. Begryp eens, ik heb 't eenig exempl van den M.H. aan jou gezonden! Ik kan geen ander krygen, (ze kosten f10.) En je schryft er ter nauwernood over. Ik verzeker je dat het frankeren van dat boek my moeite kostte. Enfin!

Ik ben zeer verdrietig, maar wat baat het! En dat nu ook die brief weer weg is!

adresseer:

Mr EDD, &c

chez Mr Bergrath

Schildergasse

Die man ontvangt myn brieven, sedert er zooveel gestolen worden. Hy is zeer vertrouwd.

Beste tine, ik wou zoo graag uitkomst! Het gewurm verveelt me zoo. Ik heb weer iets in myn hoofd - een plan - maar och, ik ben byna moedeloos. Ik dacht zoo zeker dat ik in den Haag slagen zou. Nu, t kan nog

Ik groet je erg hartelyk, en de lieve kinderen ook.