Scylla

dochter van Nisus, koning van Megara in Griekenland. Toen koning Minos van Kreta de stad belegerde, werd Scylla verliefd op de belegeraar. Zij sneed haar vaders purperkleurige haar af om de stad over te leveren (cf. vw vii, p. 242 en 249). Minos strafte de verraadster. Zij werd aan zijn schip gebonden en verdronk. De goden veranderden Nisos in een sperwer en Scylla in een leeuwin. Het verhaal komt voor in Ovidius Methamorphoses, waarop het treurspel Scilla (1709) van *Rotgans gebaseerd is. Rotgans heeft enkele wijzigingen aangebracht, zo levert Scylla niet haar vaders haar aan koning Minos, maar het schild met beeld van Mars. Minos begeert hierin niet Scylla, maar haar zuster Ismene, verloofd met Fokus. De teleurgestelde Scylla pleegt zelfmoord.

Het stuk werd opgevoerd bij Napoleons bezoek aan Amsterdam. Dit noemt m. in Idee 1177-1178 (vw vii, p. 238-246). m. vertelt de oorspronkelijke geschiedenis van Scylla, die hij van ironisch commentaar voorziet. Vervolgens geeft hij het verloop van de opvoering aan, waarbij de spelers telkens door het rumoer in de zaal onderbroken worden:

‘Die arme Rotgans! 't Was wél de moeite waard 'n paar duizend verzen by elkaar te rymen, om zó verwaarloosd te worden! Geen der toeschouwers was geroerd door de treurspellige bravigheid van Minos, die de ontaarde juffer zo flink op haar plaats zette. Men luisterde niet.’ (Idee 1180, vw vii, p. 252-253)